Afwijkend plasgedrag bij de kat

Plassen naast de kattenbak

Ongewenst plasgedrag in huis is een veel voorkomend probleem bij onze huiskatten.

Er zijn twee oorzaken te geven voor dit ongewenste plasgedrag:
1) een medisch probleem
2) een gedragsprobleem

In veel gevallen ligt de problematiek zelfs in een combinatie van deze twee oorzaken. Sterker nog, steeds meer onderzoek wijst erop dat het gedragsprobleem het medische probleem kan veroorzaken. “stress” in de breedste zin van het woord lijkt bij een groep katten aanleiding te zijn om een blaasontsteking te ontwikkelen. De meest voorkomende klacht is frequent kleine plasjes doen, vaak op ongewenste locaties. Wordt een blaasontsteking erger dan kan er bloed gezien worden in de urine. Bij katers kan er een verstopping ontstaan in de plasbuis die tot levensbedreigende situaties kan leiden!

LET OP: indien u de indruk heeft dat uw kater niet kan plassen, neem dan DIRECT contact op met een dierenarts, ook ’s nachts of in het weekend!

Wat te doen bij een kat die een afwijkend plasgedrag heeft

Allereerst is het belangrijk om te weten of er een medisch probleem (mee)speelt. Een van de belangrijkste onderzoeken, naast lichamelijk onderzoek, is urineonderzoek. Hiermee kunnen we zien of er sprake is van een blaasontsteking of een andere medische reden van afwijkend plasgedrag (bijv. suikerziekte). Als de urine helemaal vrij van afwijkingen is, zal de oorzaak veelal in een gedragsprobleem liggen.

Hoe urine op te vangen

Indien er meer katten in huis zijn, moeten de katten voor het opvangen van de urine gescheiden worden. Het is natuurlijk belangrijk dat de urine van de juiste kat onderzocht wordt. De kat wordt opgesloten in een ruimte met een kattenbak. Deze kattenbak dient eerst leeg en schoongemaakt worden en vervolgens wordt er een laagje niet resorberend materiaal in gedaan. Vaak voldoet het om een plastic zak in snippers te knippen, maar er zijn ook plastic kattenkorrels te koop. Zo heeft de kat toch iets te graven. De meeste katten accepteren dit en zullen in de kattenbak plassen, waarna u de urine kunt overgieten in een schoon potje en naar de praktijk kunt brengen. Sommige katten zullen ook nu niet in de bak plassen maar er naast. Sluit dan de kat op in een ruimte met tegel- of laminaatvloer (bijvoorbeeld de badkamer), dan kunt u in dat geval de urine ook  van de grond opzuigen.

Indien u niet de mogelijkheid heeft om thuis de urine van de kat op te vangen, dan kan dat ook op de praktijk gedaan worden. In principe wordt dan hetzelfde gedaan als hierboven beschreven. In sommige gevallen kan/moet gekozen worden voor een blaaspunctie. Hierbij wordt, soms onder echo-begeleiding, met een klein dun naaldje de blaas aangeprikt om urine te verkrijgen.

Het allerbeste is om de urine direct te laten onderzoeken. Er kunnen namelijk in de tijd veranderingen optreden in de urine die de interpretatie van het onderzoek bemoeilijken. Indien het toch een paar uurtjes moet wachten voor u in de gelegenheid bent het te brengen, bewaar het dan in de koelkast.

NB plastic kattenbakkorrels, urine-bewaarpotjes en spuitjes om urine op te zuigen zijn bij onze balie verkrijgbaar.

Een medisch probleem

Wanneer in de urine afwijkingen gevonden worden die op een medisch probleem wijzen, zal er een lichamelijk onderzoek plaatsvinden. Ook is het belangrijk voor de dierenarts om zoveel mogelijk informatie te krijgen over de leefomstandigheden. Bijvoorbeeld: hoeveel katten zijn er in huis, komt de kat buiten, hoeveel kattenbakken zijn er, zijn er bijzondere gebeurtenissen geweest (baby geboren,verbouwing enzovoort)?

Aan de hand van de uitkomsten zal er een behandelplan opgesteld worden. Dit kan bestaan uit medicijnen, dieetadviezen, extra wateropname stimuleren, stress verminderen en/of meer onderzoek (bijv. in de vorm van een bacteriekweek, echo en/of röntgenfoto van de urinewegen)

Zelden zal er een antibioticum voorgeschreven worden bij katten omdat bacteriën meestal niet de boosdoeners zijn. Dit in tegenstelling tot blaasontstekingen bij de mens of de hond.

Zie ook hieronder bij FLUTD voor meer info over de behandeling blaasontsteking bij de kat

Een gedragsprobleem

Indien de urine geheel zonder afwijkingen is, dan is zeer waarschijnlijk een gedragsprobleem de oorzaak van het afwijkende en/of ongewenste plasgedrag.

Bij ongecastreerde katers (en soms ook ongesteriliseerde poezen) kan het urineren hormonaal gestuurd zijn. Door te sproeien geven ze geurvlaggen af zodat andere katten van hun aanwezigheid op de hoogte worden gebracht. Het sproeien is te herkennen aan het plassen tegen een verticaal vlak met een trillende en omhoog staande staart. Veelal verdwijnt het sproeigedrag van deze katers wanneer ze gecastreerd worden.

Speelt het afwijkende plasgedrag bij een vrouwelijk dier of een gecastreerde kater dan zal de oorzaak van het gedragsprobleem opgespoord moeten worden om deze aan te pakken

Hieronder bij FLUTD worden de meest voorkomende oorzaken en oplossingen van gedragsproblemen besproken.

FLUTD

FLUTD staat voor Feline Lower Urinary Tract Disease, oftewel: ziekte van de lage urinewegen bij de kat. Veel katten met plasklachten en aanwijzing voor ontsteking in de urine krijgen deze diagnose. De behandeling van FLUTD berust op twee pijlers.

1. omstandigheden voor en in de blaas optimaliseren
– Medicijnen, zoals ontstekingsremmers (NSAID’s), blaasontspanners om acute klachten op te heffen
– Speciale voedingssupplementen (helpen om blaaswand gezond te krijgen)
– Speciaal dieet (vooral bij aanwezigheid van blaaskristallen/-stenen)
– Extra water opname (bijv. door geven van uitsluitend nat voer/ waterfonteintjes)
– Overgewicht tegen gaan

NB het inzetten van bovenstaande middelen verschilt per patiënt

2. stress voorkomen/verminderen

a) stress door katten in hetzelfde huishouden
Hoewel het vaak op een vreedzaam samenleven lijkt, kunnen katten die een huishouden delen elkaar stiekem het leven zuur maken. Het is belangrijk om genoeg plekken in huis te creëren waar een kat zich veilig kan terugtrekken. Vooral hoge plekjes zijn geliefd bij katten. Zorg ook voor genoeg aandacht en afleiding met bijvoorbeeld speeltjes. Zorg voor voeder- en drinkplekken die makkelijk toegankelijk zijn. In uitzonderlijke gevallen kan het zijn dat de oplossing ligt in het zoeken van een ander huis voor een of meerdere katten. (Zie ook c)

b) stress door katten van buiten
Grote stress kan ontstaan wanneer vreemde katten het huis binnen komen. Dit is te voorkomen door het gebruik van speciale kattenluiken die openen op specifieke chipnummers of magneten. Ook helpt het om het kattenvoer niet te laten staan.

Zelfs het zien van katten door het raam kan stress geven, dit is op te lossen door het gebruik van afplak-plastic bij de ramen waar het probleem zich voor doet. Veelal wordt er dan in de buurt van het raam geürineerd.

c) kattenbakstress
Veel ongewenst plasgedrag kan voorkomen of verminderd worden door een optimaal kattenbakbeleid. Hiermee hopen we de omstandigheden om de behoeftes te doen voor de kat(ten) te optimaliseren, zodat er geen afkeer van de kattenbak is.
-zorg voor genoeg kattenbakken. Ideale aantal is: het aantal katten + 1.
– zet deze bakken op verschillende, goed toegankelijke plekken in het huis en niet naast voer/drinken.
– katten kunnen voorkeur/afkeer hebben van bepaalde kattenbakvulling, experimenteer daar mee.
– sommige katten hebben liever de deksel erop, maar ook vele niet. Bied beide mogelijkheden aan.
– maak dagelijks de kattenbak helemaal schoon, gebruik niet teveel grit.

NB indien uw katten de behoeftes vrij buiten kunnen doen, dan hoeft u geen kattenbakbeleid te voeren.

d) vervelingsstress
Katten die niet naar buiten kunnen en die veel alleen thuis zijn, kunnen zich gaan vervelen.
– zorg voor voldoende afleiding. Tegenwoordig zijn er vele soorten speeltjes voor katten te verkrijgen.
– geef de kat veel aandacht

NB een extra kat als maatje erbij, is helaas vaak niet een oplossing en geeft regelmatig juist meer stress (zie ook a.)

e) gebruik van gedrag beïnvloedende geurstoffen, voedingssupplementen en psychotherapeutica
– een veel gebruikt en vaak effectief hulpmiddel is Feliway®. Dit is een verdamper (of spray) die een geur verspreidt die hetzelfde is als de kopjesferomonen (=geurstoffen) van de kat. Het geeft een prettig en comfortabel gevoel.
– voedingssupplementen als Telizen® (op basis van groene thee extracten) en Zylkene® (alfa-casozepine) kunnen ook een rustgevende invloed hebben.
– ook psychotherapeutica (bijv. antidepressiva) worden soms ingezet bij de kat, echter het gebruik van deze middelen zal onder strikte begeleiding van een dierenarts gaan en vaak i.c.m. met gedragstherapie (zie f.)

f) gedragstherapeute
Vaak zijn de plasproblemen met de bovenstaande maatregelen op te lossen. Soms zijn de problemen nog gecompliceerder. Het kan dan helpen om advies in te winnen bij een gedragstherapeute om u en uw kat(ten) verder te helpen. www.tinley.nl